De vink wordt ook wel ‘botvink’ genoemd.
Vinken in het wild worden ongeveer 8 jaar, maar in de volière worden ze veel ouder. De oudst bekende vink werd wel 27 jaar!
Een vink kan vliegend een snelheid tussen de 34 en 52 kilometer per uur halen.
Vinken doen soms mee aan zangwedstrijden voor vogels. Een soort ‘Idols’ dus…
Hoe ziet hij eruit?
Een vink is tussen de 15 en 16 centimeter lang. Alleen het mannetje zingt en hij ziet er heel anders uit dan het vrouwtje (pop). Hij heeft een roodbruine rug, donkerbruine vleugels met twee witte banden en een zwarte staart met witte zijkanten. Zijn onderkant is wijnrood tot wit onderop de buik. De kop en nek zijn blauwgrijs met een zwart voorhoofd. Het vrouwtje en de jongen zijn helemaal bruin, met duidelijke vleugelstrepen. Ze hebben een donkere staart met witte zijkanten. Er zijn ook vinken in felle kleuren, zoals isabel, agaat, bruin, pastel, opaal en bont. In de vrije natuur worden vinken ongeveer acht jaar, maar in een volière worden ze veel ouder.
Hoe leeft hij?
De vink is een trekvogel. Je komt hem tegen in een gebied dat strekt van Europa tot West-Siberië, in het Midden-Oosten, Noord-Afrika en sommige eilanden in de Atlantische Oceaan. Vinken broeden in bossen, bomen, parken en tuinen. In de winter zie je ze soms in grote groepen op akkers of in de duinen. Vinken zijn erg gehecht aan de plek waar ze wonen: hun territorium. Ze beschermen die plek tegen indringers en vooral in de broedtijd is het nog wel eens vechten geblazen. Vinkenmannetjes en -vrouwtjes blijven hun hele leven bij elkaar.
Voortplanting
De broedperiode voor vinken duurt van half april tot juli. Het vrouwtje legt drie tot vier eitjes en na een broedtijd van elf tot dertien dagen komen de jongen uit het ei. Ze worden door beide ouders gevoerd. Als ze twaalf tot zeventien dagen oud zijn, vliegen de jonge vinken uit. Ze worden dan nog een week of drie gevoerd door de ouders, maar daarna jagen die hun jongen weg. Twee gezonde vinkenouders kunnen per jaar meerdere keren jongen krijgen en grootbrengen.
Bijzonderheden over de vink
Mensen houden vinken omdat ze mooi zijn om naar te kijken en omdat de mannetjes erg mooi kunnen zingen. Dat doen ze van februari tot in september, om de vrouwtjes te lokken.
Vinken komen in Nederland ook in het wild voor en zijn beschermd. Je mag ze dus niet vangen en alleen in gevangenschap kweken. Een gekweekte vink kun je herkennen aan zijn dichte pootring.
In de broedtijd kunnen vinkenmannetjes agressief zijn. Ze verdedigen hun territorium en vechten met elkaar om de vrouwtjes.