Gewone doosschildpadden kunnen heel oud worden, soms wel wel meer dan 100 jaar! Dat zijn natuurlijk wel uitzonderingen.
De doosschildpad komt aan zijn naam doordat hij een scharnierend buikschild heeft. Bij gevaar kan hij zich terugtrekken in zijn schild en het dan dichtklappen. Hij zit dan in een soort ‘doos’.
De gewone doosschildpad houdt een winterrust of, als het echt koud is, een winterslaap. Bij winterrust eet hij bijna niets en laat zich niet veel zien. Dit gebeurt meestal tussen oktober en april. Als je je schildpad buiten houdt, gaat hij in winterslaap en dan graaft hij zich in en eet niks. Alleen gezonde schildpadden mogen in winterslaap gaan, want als ze zwak zijn overleven ze het niet!
Hoe ziet hij eruit?
Het rugschild van de gewone doosschildpad kan geelbruin tot zwart zijn, met soms een gele tekening. Het buikschild is geel tot bruin en kan verschillende tekeningen hebben. Een volwassen gewone doosschildpad is 11 tot 22 centimeter lang. Je hebt gewone doosschildpadden in verschillende grootte, kleur en tekening. Deze soort is verdeeld in vier groepen (ondersoorten): de Carolina doosschildpad, de drieteen-doosschildpad, de Florida doosschildpad en de grote doosschildpad. Gewone doosschildpadden worden tussen de 30 en 40 jaar oud, maar heel soms worden ze nog veel ouder!
Hoe leeft hij?
Gewone doosschildpadden zijn moerasschildpadden die vooral op het land leven, maar ze kunnen zich ook goed in het water redden. De gewone doosschildpad komt voor in bijna heel Noord-Amerika en in Mexico. Hij leeft meestal in een bosachtig gebied, in de buurt van water. De dieren ‘praten’ met elkaar door aanrakingen en trillingen, en kunnen goed zien en ruiken. De gewone doosschildpad is overdag actief, maar als het te heet wordt, schuilt hij in de schaduw of in het water.
Voortplanting
Gewone doosschildpadden kunnen jongen krijgen als ze ongeveer vijf jaar oud zijn. Na de paring kan het vrouwtje het zaad van het mannetje bewaren tot het moment dat haar het beste uitkomt. Soms legt ze de eieren pas jaren later. Een vrouwtje kan meerdere keren per jaar drie tot acht eieren leggen. Ze legt ze in zanderige grond of rulle aarde. Na 70 tot 125 dagen komen de eieren uit. De pasgeboren schildpadden zijn dan ongeveer drie centimeter lang. In het eerste jaar groeien ze gemiddeld drie centimeter.
Bijzonderheden over de gewone doosschildpad
De gewone doosschildpad valt onder CITES-regels. Het doel van CITES is om de handel in bedreigde dier- en plantensoorten goed te regelen. Vraag bij aankoop om de CITES-papieren.
Je kunt het beste kiezen voor dieren die gekweekt zijn. Deze worden minder snel ziek dan dieren die uit het wild zijn gevangen, hebben minder last van stress en zijn daardoor gezonder.
Een gezonde gewone doosschildpad heeft geen beschadigingen, is actief, zwemt goed en recht en kijkt helder en alert uit de ogen. Let daarop als je er een koopt.
Schildpadden zijn geen groepsdieren, maar ze kunnen wel samen met andere schildpadden. Zorg dan wel dat het allemaal doosschildpadden zijn en ongeveer even groot, anders kunnen ze elkaar (per ongeluk) pijn doen als ze over elkaar heen kruipen.