Sluiten

Koraalteenboomkikker

Is dit een huisdier voor jou?

Nee, maar je kunt wel je ouders helpen als jullie thuis koraalteenboomkikkers hebben. Zorg dat je dan precies weet hoe je deze dieren goed kunt houden en verzorgen. Boomkikkers zijn geen knuffeldieren!

Leuke weetjes

Onder de tenen van koraalteenboomkikkers zitten een soort zuignapjes, waarmee ze zelfs over de glazen wand van het terrarium kunnen lopen!

De koraalteenboomkikker wordt ook koraalteenkikker, Australische boomkikker en reuzenboomkikker genoemd.

Als een wilde koraalteenboomkikkers zich bedreigd voelt begint hij zeer hard te piepen. Gekweekte dieren doen dit meestal niet.

Maak kennis met dit dier

Hoe ziet hij eruit?

De koraalteenboomkikker is groot voor een boomkikker: hij kan wel meer dan 11 centimeter lang worden. Hij heeft een brede, stompe kop en uitpuilende, goudgele ogen. Van oog tot voorpoot loopt een huidplooi waarin ook zijn trommelvlies (oor) als een lichte schijf te zien is. Deze kikker is meestal heldergroen tot blauwgroen, maar verandert van kleur als de temperatuur of de luchtvochtigheid verandert, of als hij zich niet goed voelt. Zijn buik is altijd lichter tot wit en de onderkant van zijn poten is roodachtig. Zijn huid glanst van een vettig laagje dat de kikker heeft om ook in drogere gebieden te kunnen overleven. De koraalteenboomkikker kan wel 16 jaar oud worden.

Hoe leeft hij?

De koraalteenboomkikker komt voor in Australië en Nieuw-Guinea. Hij leeft op warme en vochtige plaatsen in bossen, voornamelijk aan de randen en op open plekken. Daar zit hij vooral in boomtoppen in de buurt van stilstaand water. Overdag verstopt hij zich op een koele, vochtige plek in de schaduw om zo weinig mogelijk vocht te verliezen. Als het donker wordt gaat hij voedsel zoeken, mannetjes beginnen dan ook luid te kwaken. Ze doen dat het hele jaar door, vermoedelijk om aan te geven ‘hier zit ik en dit is mijn plekje!’ Vrouwtjes kunnen ook kwaken, maar doen dat niet zo vaak. In het droge seizoen kruipt de kikker in de grond en maakt een nestje van dode huid en slijm om vochtig te blijven. In het natte seizoen begint de paartijd en komt hij weer tevoorschijn.

Voortplanting

Koraalteenboomkikkers kunnen jongen krijgen als ze tussen de een en drie jaar oud zijn. Ze paren in de regentijd vanaf november tot en met februari. Het mannetje krijgt in die periode een zwart kussen op zijn duim waarmee hij een betere grip op het vrouwtje heeft tijdens de paring. Het mannetje lokt vrouwtjes door hard te kwaken. Als er een vrouwtje komt, springt hij op haar en houdt haar soms wel een paar dagen in het water vast. Uiteindelijk legt het vrouwtje ongeveer 200 tot 2000 eitjes die direct door het mannetje worden bevrucht. Na ongeveer 24 uur zinken de eieren naar de bodem, waar ze na enkele dagen uitkomen. Pasgeboren kikkervisjes zijn ongeveer acht millimeter lang en bruin gevlekt van kleur. Hierna worden ze steeds donkerder en hun buik steeds lichter. Na zes weken (of in een terrarium drie maanden) groeien de kikkervisjes uit tot complete kikkers.

Bijzonderheden over de koraalteenboomkikker

Mannetjes kunnen het gehele jaar ’s avonds en ’s nachts hard kwaken. Dat moet je wel bedenken voor je deze kikkers koopt.

Je kunt beter gekweekte dieren nemen dan dieren die uit het wild zijn gevangen. Kweekdieren zijn minder gevoelig en zijn meestal in een veel betere conditie.

Koraalteenboomkikkers in het wild houden winterrust. Daarna wordt het regentijd, de tijd om te paren. Als je met je kikkers wilt kweken moet je dus wintertijd en regentijd nadoen in het terrarium. Hoe je dat moet doen kun je vragen aan iemand die heel veel van deze dieren afweet.

Het is slim om lid te worden van een terrariumvereniging. Je leert er heel veel over goede verzorging van je dieren.

Verzorging

Huisvesting

Je kunt de kikkers alleen of in kleine groepjes van twee of drie paartjes houden. Ze moeten dan wel allemaal ongeveer even groot zijn.
Voor een groep van vier dieren heb je een glazen terrarium van 60 x 50 x 90 cm nodig. Zet het terrarium stevig op een lichte plek maar niet midden in de zon en niet op de tocht. Zet stevige (kunst)planten en klimtakken in het terrarium. Zorg voor goede luchtverversing. Geef de kikkers platen kurkschors of uitgeholde stammetjes om zich in te verschuilen en plak de achterwand af met zwarte folie zodat de kikkers zich beschermd voelen. De bodembedekking moet vocht vasthouden, denk aan grotere stukken schors, kokosvezel en turfmolm. Doe daar een laag mos overheen om het vocht nog beter vast te houden. Geef de kikkers een waterbad dat maximaal een derde van de oppervlakte inneemt. Niet te diep, anders kunnen ze verdrinken: de kikkers moeten zittend hun kop boven water kunnen houden. Zorg dat ze er makkelijk uit kunnen klimmen.
De luchtvochtigheid in het terrarium moet overdag ongeveer 50 tot 60 procent zijn, ‘s nachts mag dit oplopen naar 80 tot 95 procent. Houd dit op peil door elke avond met een plantenspuit te sproeien met lauw water. De verlichting in het terrarium mag twaalf tot veertien uur per dag branden. Maak gebruik van daglichtlampen. Gebruik ‘s nachts maanverlichting met een lampje van 15 Watt. De kikkers worden dan actief en zullen op jacht gaan naar voedsel. Vraag advies over de verlichting in een gespecialiseerde terrariumwinkel! De temperatuur moet overdag 26 tot 32 graden zijn, dit mag ’s nachts zakken naar 20 tot 24 graden. De daglichtlampen geven genoeg warmte om het terrarium te verwarmen. Onder de lampen kunnen de kikkers zich opwarmen: zorg daarom voor voldoende zitplekken onder de lampen.

Voeding

Koraalteenboomkikkers geef je levende krekels of sprinkhanen te eten, aangevuld met regenwormen en pasgeboren muizen. Je kunt deze prooidieren gewoon in het terrarium loslaten, de kikkers vangen ze wel. Dode dieren kun je ook geven, maar dan moet je die bewegen met een voertang, anders pakken de kikkers ze niet. Laat levende voedseldieren niet te lang in het doosje zitten, dat is slecht voor de kwaliteit. Zorg dat er altijd vers drinkwater is.
De boomkikker heeft extra vitamine D3 nodig. Dat zit in poeder dat je eenmaal per week over de voederdieren heen kunt strooien. Het is verkrijgbaar bij de dierenspeciaalzaak, waar ze je hier meer over kunnen vertellen.
Een volwassen kikker geef je twee tot drie keer per week ongeveer tien krekels of vier sprinkhanen. Verder kun je een keer in de twee weken een jong muisje geven. Geef het voer als de hoofdverlichting uitgaat en de nachtverlichting aangaat. Dan gaan de kikkers namelijk op jacht.

Verzorging

Houd het terrarium goed schoon. Haal iedere dag voedselresten en mest weg en ververs het water van het waterbad. Maak elke twee tot drie weken het hele terrarium schoon, ook de planten die er in staan. Als er schoonmaakmiddelen nodig zijn, spoel dan goed na en droog alles goed af om te voorkomen dat de gevoelige kikkerhuid beschadigt. Vraag aan de dierenspeciaalzaak welke schoonmaakmiddelen je het best kunt gebruiken. Je kikkers moeten er levendig bij zitten en hun huid moet vochtig en glanzend zijn. Twijfel je aan hun gezondheid, vraag dan om raad bij een deskundige dierenarts.

Wat wel en wat niet!

NIET… levende prooidieren die niet zijn opgegeten in het terrarium laten. Haal ze eruit om te voorkomen dat ze rustende kikkers storen of beschadigen.

WEL… alleen zacht water zonder chloor gebruiken voor het sproeien en voor het waterbad. Je kunt chloor uit kraanwater halen door het water minstens 24 uur in een emmer te laten staan.

NIET… te vaak de kikkers pakken, anders beschadigt hun huid. Als het niet anders kan, dan eerst heel goed je handen wassen met water. Niet met zeep, want zeepresten beschadigen de huid!

WEL…de insecten die je aan de kikkers te eten geeft, zelf eerst ook goed laten eten, dat vergroot de voedingswaarde. Krekels kun je bijvoorbeeld hondenbrokjes en groente laten eten.

NIET… te veel voer geven. Deze kikker blijft steeds dooreten, maar dat is slecht voor zijn gezondheid.

WEL… de lampen één voor één aan- en uitschakelen. Zo boots je de zonsopgang en zonsondergang na en schrikken de dieren niet.