Sluiten

Grasparkiet

Is dit een huisdier voor jou?

Ja, maar je moet wel zorgen dat je weet hoe je deze dieren moet houden en verzorgen. Vraag je ouders je daarbij te helpen. Als je echt heel goed wilt weten hoe je met papegaaiachtige vogels om moet gaan, kun je een speciale cursus volgen.

Leuke weetjes

Grasparkieten ´praten´ met elkaar door geluiden. Soms lukt het om een grasparkiet woordjes te leren. Maar dan moet je wel geduld hebben!

Het vrouwtje eet de schalen van de eieren waar haar jongen uit zijn gekomen op, om de kalk weer aan de jongen te voeren.

Grasparkieten leven in het wild soms in groepen van wel 25.000 vogels bij elkaar.

Maak kennis met dit dier

Hoe ziet hij eruit?

De grasparkiet is een kleine, papegaaiachtige vogel van ongeveer 18 centimeter. In het wild heeft hij een geelgroen verenpak, met daar tussendoor allerlei kleuren, zoals een paarsblauwe vlek op de wangen, zwarte banden op de bovenkant van z’n rug en vleugels, en donkerblauw op zijn lange staartveren. Gekweekte grasparkieten heb je in allerlei kleuren: blauw, groen, geel, wit, bont, paars, grijs en nog veel meer. Er zijn zelfs grasparkieten met een kuif, en de Engelse grasparkiet wordt wel 24 centimeter. Een goed verzorgde grasparkiet kan 15 tot 20 jaar oud worden, maar de anders gekleurde en de grote Engelse parkieten worden vaak niet zo oud als de natuurlijke, geelgroene grasparkiet.

Hoe leeft hij?

Grasparkieten komen oorspronkelijk uit Australië. Ze leven daar op de droge grasvlakten en vliegen in enorme zwermen rond. Het zijn slimme, vriendelijke dieren die in groepen van 20 tot soms wel 25.000 exemplaren leven. Ze ‘praten’ met elkaar door speciale geluidjes te maken. ’s Ochtends verzamelen de groepen zich om te drinken en te baden. Ze brengen de ochtend door met voedsel zoeken. ‘s Middags rusten de vogels in de schaduw van dicht begroeide struiken, om later weer naar eten te gaan zoeken. ‘s Avonds zoekt de groep een slaapboom op. Grasparkieten maken hun nesten in de holtes van takken aan levende en dode bomen.

Voortplanting

Bij sommige kleuren parkieten kun je naar de neusdop kijken om te zien of het een man of een vrouw is: mannen hebben een blauwe neusdop, vrouwtjes een meer bruinige. Maar dat is niet altijd even duidelijk. Wil je zeker weten of je een vrouwtje of een mannetje hebt, laat dan een DNA-test doen door een vogeldierenarts. Grasparkieten kunnen soms al jongen krijgen als ze tussen de drie en vier maanden oud zijn. Maar het is beter te wachten tot ze bijna een jaar oud zijn, want anders zijn ze te jong om goed voor hun kuikens te kunnen zorgen. Het popje (zo noemen we het vrouwtje) legt om de dag een eitje, in totaal meestal vier tot vijf, soms wel negen. Het vrouwtje blijft 18 dagen op het nest broeden tot de eieren uitkomen. Het mannetje komt haar af en toe voeren. De jongen verlaten het nest als ze vier tot vijf weken oud zijn. Nog een weekje later kunnen ze voor zichzelf zorgen. In de wet staat dat grasparkieten bij hun ouders moeten blijven tot ze 43 dagen oud zijn.

Bijzonderheden over de grasparkiet

Grasparkieten zijn slimme groepsdieren, dus moet je ze met minstens twee tegelijk houden en ze voldoende uitdaging (speeltjes) geven.

Koop ze liefst bij een erkende kweker (lid van NBVV, Pakara of andere bond) of bij een gespecialiseerde dierenwinkel.

Vogels zonder dichte pootring kunnen uit het wild gestolen zijn. Let daarop!

Verzorging

Huisvesting

Grasparkieten zijn echte groepsdieren, dus moet je ze met minstens twee tegelijk houden. Je kunt ze binnen en buiten in een ruime volière onderbrengen. De buitenvolière moet ook een warm en tochtvrij binnenhok hebben. Zet nooit zomaar parkieten in een buitenvolière die altijd binnen gewoond hebben. Ze moeten eerst langzaam wennen aan de temperatuur!

De parkieten zitten het liefst op echte boomtakken. Zorg dat die op de juiste dikte zijn: met hun tenen moeten de vogels driekwart van de tak omvatten. Op de bodem van de buitenvolière kun je metselzand strooien.

Zet de binnenvolière niet in de directe zon, maar wel op een lichte, tochtvrije plek. Horizontale tralies zijn het beste, dan kunnen de parkieten klimmen. Op de bodem van de binnenvolière kun je papier, beukensnippers, maïskorrels of schelpenzand gebruiken. Zorg ook voor voldoende speelgoed en klimgelegenheid. Houten trapjes vinden ze bijvoorbeeld erg leuk. Als de vogels ook los mogen vliegen, is een klimboom in de woonkamer fantastisch!

Vogels kunnen slecht tegen spray, gassen en dampen. Spuit dus niet met luchtverfrisser of andere spray bij je vogel. Gaan jullie gourmetten of tosti’s maken? Zet de vogels dan in een andere kamer want er kunnen giftige dampen ontstaan!

Voeding

Een grasparkiet eet in het wild allerlei soorten graszaden. Bij de dierenspeciaalzaak of de dierenarts koop je speciale kleine grasparkiet pellets (staafjes) waar alles in zit wat ze nodig hebben. Je kunt er wat groenten, vruchten en een klein beetje zaden en nootjes bij geven. Geef nooit avocado of chocola, dat is giftig voor vogels! Weet je niet zeker of je vogel iets mag eten, geef het dan niet. Zorg dat er altijd voer in het bakje zit, dan kunnen ze zelf beslissen hoeveel ze eten. Geef om de week wat maagkiezel apart in een bakje, de vogels hebben dit nodig om de zaden in de maag te kunnen fijnmalen. Geef een mineralenblok of mineralenstok voor de kalk en om hun snavel aan te slijpen. Zorg altijd voor schoon drinkwater.

Verzorging

Voor papegaaiachtige vogels is de huiskamer vaak te droog, besproei de vogels daarom regelmatig (met vers water) en zorg voor een badje. Je kunt ze ook meenemen onder de douche!

Zeker als je een parkiet in zijn eentje houdt, kan hij raar gedrag gaan vertonen. Soms denkt de parkiet dan dat jij zijn partner bent waarmee hij wil paren. Maar dat kan natuurlijk niet, en steeds maar iets willen doen wat niet kan is niet leuk voor je parkietje. Pas daarom op dat je de parkiet niet teveel knuffelt en op zijn rug aait want dan raakt hij in de war: in de natuur knuffelen parkietjes alleen met degene met wie ze paren! Zorg dus liever dat hij een parkietenvriendje heeft.

Het drinkwater, badwater en het voer moeten elke dag ververst worden. Haal lege zaaddoppen weg. Vervang een keer per week de bodembedekking en maak de zitstokken schoon. Bekijk af en toe de nagels en snavel van de vogels om te zien of deze niet te lang doorgroeien. Een gezonde grasparkiet is oplettend en levendig. Zijn ogen zijn helder en zijn poep is vrij stevig, grijsgroen of bruin met wit. Gaat een dier zich vreemd gedragen, vraag dan snel de dierenarts om advies. Als een dier 'bol' gaat zitten, met zijn veren opgezet, is het meestal al te laat.

Wat wel en wat niet!

NIET … de parkiet uit de kooi laten voor hij tam is, anders gaat hij ervandoor of er komen (dodelijke) ongelukken van!

WEL… zorgen dat het veilig is als je de vogels los laat vliegen: dus geen giftige planten, open haard, kaarsen en dergelijke. Doe de gordijnen dicht zodat ze niet tegen het raam vliegen en houd andere huisdieren, zoals katten en honden, weg.

NIET … vergeten te kijken of er geen loodveter onderin de vitrage zit, want dat is giftig als ze er aan knabbelen!

WEL… zorgen voor voldoende uitdaging voor de vogels, daar worden ze rustiger van. Je doet ze een enorm plezier met verse wilgen-, populieren- en fruitboomtakken en met steeds nieuwe speeltjes.

NIET … vergeten je handen goed te wassen als je met de vogels bezig bent geweest; grasparkieten kunnen ziekten bij zich hebben die mensen ook kunnen krijgen. Geef je parkiet geen kusjes of een koekje uit jouw mond.

WEL… liefst ieder jaar de vogels door de dierenarts laten onderzoeken of ze gezond zijn.