Het gezegde ‘Zo doof als een kwartel’ klopt niet: een kwartel kan heel goed horen. Het gezegde is ontstaan doordat kwartels bij gevaar pas heel laat vluchten. Mensen dachten dat dit kwam door doofheid, maar het komt doordat de kwartel hoopt dat hij niet gezien wordt als hij heel stil blijft zitten.
Het geluid dat het kwartelmannetje maakt noemen we niet zingen maar ‘slaan’. Het klinkt heel krachtig als ‘kwik-me-dit’!
De kwartel vliegt bijna nooit, behalve als hij op trek is: dan vliegt hij wel honderd kilometer aan een stuk.
Hoe ziet hij eruit?
Kwartels zijn siervogels en zijn familie van de fazant. Er zijn grondkwartels, kuifkwartels en boomkwartels. De Chinese dwergkwartel is met 12 centimeter de kleinste. Je hebt hem bruin gestreept (wildkleur), maar ook in zilver, bont, koekoek en wit. Verder zijn er de Japanse kwartel, de harlekijnkwartel en de coromandelkwartel. Grondkwartels zijn 12 tot 19 centimeter groot. Kuifkwartels zijn bijvoorbeeld de blauwschubbenkwartel en de Californische kuifkwartel. Deze zijn met 25 centimeter een stuk groter. De Virginische boomkwartel wordt het meest gehouden: een makkelijk te houden, vrij rustige vogel van 25 centimeter. Je hebt hem in allerlei kleuren. Om te graven en te scharrelen hebben kwartels grote tenen en nagels. Ze worden ongeveer vijf jaar oud.
Hoe leeft hij?
Kwartels zijn trekvogels en broeden in Europa en Azië. Ze leven in groepen van verschillende families. Deze groepen blijven bij elkaar tot het begin van het volgende broedseizoen. Kwartels leven overdag op de grond tussen het gras en de struiken. Daar zoeken ze naar voedsel. Met hun scherpe en sterke snavel kunnen ze van alles eten, ook planten. Hanen gebruiken hun snavel in het broedseizoen ook om te vechten met indringers. Hanen maken een opvallend geluid waarmee ze hun gebied verdedigen en hennen over grote afstand lokken. Kwartels maken hun nest op de grond; door haar schutkleuren zie je de broedende hen bijna niet zitten. Grondkwartels slapen op de grond, kuif- en boomkwartels in een boom of struik.
Voortplanting
Als ze een jaar oud zijn kunnen kwartels al jongen krijgen. Het broedseizoen begint in april, als het minstens 14 uur per dag licht is. Hun nest maken ze liefst op een beschutte plek, met zand en stro of hooi. De hen legt om de dag een ei, bij elkaar een stuk of acht. Dan begint ze te broeden en komt nog maar heel af en toe van het nest om te eten, te drinken en te poepen. Na twee tot drie weken komen de eieren uit en verlaten de hen en de kuikens het nest. De kuikens zijn volwassen na zes weken, maar het kan ook wel vier maanden duren: het ligt aan de soort kwartel hoe lang dit duurt.
Bijzonderheden over de kwartel
Tijdens de rui kun je de kwartels bij guur weer beter binnenhouden, omdat ze dan gevoeliger zijn voor ziekte.
Kwartels zijn schuwe dieren, maar met een beetje geduld kun je ze vrij goed tam maken.
Als je kwartels koopt, let dan op dat ze actief zijn en dat hun veren er schoon en strak uitzien. Haal ze pas op als het hok helemaal klaar is. Wacht tot de damp van de verf weg is, want die is giftig voor vogels!
Vraag de verkoper of je voor de eerste paar dagen wat voer mee kunt krijgen. Je kunt de kwartels langzaam aan ander voer laten wennen door dit oude voer te mengen met steeds iets meer van het nieuwe voer.